woensdag 27 mei 2026

KINDEREN EN VOEDSELEDUCATIE ALS KINDERRECHT EN JOODS MOREEL IMPERATIEF




Door: #
Rabbijn #Simon #Bornstein®


Binnen religieuze en ethische tradities wordt voedsel al eeuwenlang beschouwd als meer dan een middel tot fysieke overleving. In het bijzonder binnen de orthodox-Joodse benadering krijgt voeding een sterk normatieve, spirituele en pedagogische dimensie.


Voedsel wordt niet alleen beoordeeld op gezondheid of herkomst, maar ook op halachische toelaatbaarheid (kasjroet), intentie en bewust handelen.


Vanuit dit perspectief vormt voedseleducatie een integraal onderdeel van de opvoeding: kinderen leren al op jonge leeftijd onderscheid maken tussen toegestaan en niet-toegestaan voedsel, ontwikkelen discipline en internaliseren waarden rondom dankbaarheid, zelfbeheersing en verantwoordelijkheid.

De landelijke conferentie ‘Voedseleducatie als Kinderrecht’, gehouden op 21 november 2025 in Assen, markeert een belangrijk moment in de maatschappelijke erkenning van voedseleducatie als fundamenteel recht.


Tijdens deze bijeenkomst kwamen vertegenwoordigers van uiteenlopende organisaties samen om het belang van structurele en toegankelijke voedseleducatie te onderstrepen.

De breed gedragen slotverklaring die daar werd ondertekend, bevestigt dat kennis over voeding niet langer als optioneel kan worden beschouwd, maar als essentieel voor de ontwikkeling van ieder kind.


Wanneer dit wordt bezien vanuit een orthodox-joods kader, ontstaat een verdiepend perspectief. Voedseleducatie omvat hier niet alleen kennisoverdracht over voedingsstoffen of duurzaamheid, maar ook een systematische inwijding in religieuze praktijk en ethiek.


De spijswetten fungeren als een dagelijks terugkerend educatief instrument, waarin abstracte waarden concreet worden gemaakt. Het ritueel wassen van de handen, het uitspreken van zegeningen en het zorgvuldig scheiden van voedselcategorieën dragen bij aan een voortdurende bewustwording van de relatie tussen mens, schepping en Schepper.

Vanuit academisch perspectief kan voedseleducatie worden geplaatst binnen bredere discussies over kinderrechten, volksgezondheid en duurzaamheid. Studies tonen aan dat vroege en consistente educatie rondom voeding bijdraagt aan gezondere leefpatronen en een verhoogd verantwoordelijkheidsgevoel.


In religieuze contexten, zoals de orthodox-joodse gemeenschap, wordt deze educatie bovendien versterkt door rituele herhaling en sociale inbedding, wat de effectiviteit en duurzaamheid ervan vergroot.



De conferentie benadrukte dat het huidige onderwijsaanbod op het gebied van voeding gefragmenteerd en vaak ontoereikend is. Dit staat in contrast met systemen waarin voedseleducatie structureel is ingebed in het dagelijks leven, zoals binnen orthodox-joodse praktijken.


Het erkennen van voedseleducatie als kinderrecht impliceert dan ook een noodzaak tot integratie: niet alleen in schoolcurricula, maar ook in de bredere sociale en culturele context waarin kinderen opgroeien.



Een belangrijk resultaat van de bijeenkomst was de afspraak om politici die niet aanwezig konden zijn, actief te benaderen in Den Haag. Deze stap onderstreept het belang van beleidsmatige verankering.


Zonder politieke en institutionele steun blijft voedseleducatie afhankelijk van losse initiatieven, terwijl de maatschappelijke urgentie vraagt om een samenhangende en langdurige aanpak.


Voedseleducatie kan, mede vanuit orthodox-Joods perspectief, worden gezien als een vorm van morele vorming die verder reikt dan individuele gezondheid. Het draagt bij aan het ontwikkelen van discipline, gemeenschapszin en ethisch bewustzijn.


Daarmee wordt het een essentieel instrument in de voorbereiding van kinderen op hun rol als verantwoordelijke deelnemers aan de samenleving.



De conferentie in Assen kan dan ook worden geïnterpreteerd als een betekenisvolle stap richting een bredere erkenning van voedseleducatie als fundamenteel kinderrecht.


Verdere implementatie vereist echter een geïntegreerde benadering waarin pedagogische, culturele en ethische dimensies met elkaar worden verbonden. Alleen op die manier kan voedseleducatie uitgroeien tot een duurzaam en effectief fundament voor toekomstige generaties.

donderdag 21 mei 2026

#SJEWOENGES: #ONTVANG #DE #TAURO #MET #OPEN #ARMEN!


 

SJWOENGES: ONTVANG DE TAURO MET OPEN ARMEN!


#
Rabbijn #Simon #Bornstein®


Er zijn momenten in het Joodse leven waarop een mens niet alleen leert, maar opnieuw geboren wordt Jontef Sjewonges is zo’n moment. Niet alleen het feest van herinnering, maar het feest van ontvangst. Niet alleen het geven van de Tauro — maar het opnieuw openen van het hart om haar binnen te laten.


Want de vraag van Sjewoenges is niet: “Heeft Hasjem de Tauro gegeven?”


De vraag is: “Zijn wij bereid haar te ontvangen?”

De Midrasj vertelt dat de Eeuwige de Tauro aanbood aan alle volkeren. Elk volk vroeg eerst: “Wat staat erin?” Maar Jisroël antwoordde:


נַעֲשֶׂה וְנִשְׁמָע
“Wij zullen doen en wij zullen horen.”
Sjemaus/Exodus 24:7

 

Dat is misschien wel de meest revolutionaire zin uit de menselijke geschiedenis. Eerst doen, dan begrijpen. Eerst vertrouwen, dan analyseren. Eerst de deur openen, dan ontdekken wie er binnenkomt.


De moderne mens zegt vaak: “Eerst begrijpen, dan verbinden.”

Maar de Tauro zegt: “Verbinding opent een dieper begrip.”

De Tauro wil niet alleen in je hoofd wonen


De grootste vergissing is te denken dat Tauro alleen kennis is. Alsof het een verzameling ideeën is, een bibliotheek, een systeem van wetten. Maar Tora is méér. Tauro is ontmoeting. Een levende dialoog tussen hemel en aarde.


Maimonides schrijft in Hilches Talmoed Tauro:


כתר תורה מונח ועומד ומוכן לכל ישראל
“De kroon van de Tauro ligt gereed voor heel Jisroël.”
Rambam, Misjne Tauro, Hilches Talmoed Tauro 3:1

 

Wat betekent dat?


Dat niemand buitengesloten is. Niet de chochem, niet de twijfelaar, niet degene die pas vandaag binnenkomt. De Tauro behoort niet toe aan een elite. Zij wacht op iedere ziel die bereid is haar te omarmen.

Sommige mensen denken dat zij eerst perfect moeten zijn voordat zij Tauro kunnen ontvangen. Maar Sinaj gebeurde midden in een woestijn. Niet in een paleis. Niet in een perfecte wereld.


Waarom een woestijn?


Omdat een woestijn leeg is.


En alleen een leeg hart kan werkelijk gevuld worden.


Open armen betekenen ook kwetsbaarheid


Wanneer iemand zijn armen opent, maakt hij zichzelf kwetsbaar. Hij verdedigt zich niet. Hij verbergt zich niet. Dat is precies waarom veel mensen bang zijn voor echte spiritualiteit.


Want echte Tauro vraagt niet alleen studie. Zij vraagt eerlijkheid.


De Tauro vraagt:


  • Waar ben je hard geworden?
  • Waar ben je cynisch geworden?
  • Waar heb je de verwondering verloren?
  • Wanneer heb je voor het laatst geluisterd alsof Kaudeisj Borche werkelijk tot je sprak?

Sjewoenges is daarom geen herdenking van een gebeurtenis uit het verleden. Volgens de Joodse traditie staat iedere generatie opnieuw aan de voet van de berg.


De Talmoed zegt:


בְּכָל יוֹם יִהְיוּ בְעֵינֶיךָ כַּחֲדָשִׁים
“Laat de woorden van de Tauro iedere dag als nieuw zijn in jouw ogen.”
Siefrei Deworiem 48


Niet oud. Niet stoffig. Niet automatisch.


Nieuw.


Waarom mensen afhaken


Veel mensen verlaten niet de Tora. Zij verlaten een karikatuur van de Tauro.


Wanneer Tauro alleen regels wordt zonder ziel, raakt het hart verstikt. Maar wanneer Tauro wordt ontvangen zoals zij bedoeld is — als levensadem — dan begint een mens te groeien.


Samson Raphael Hirsch benadrukte steeds dat de Tauro niet bedoeld is om de mens van de wereld weg te trekken, maar juist om de wereld te heiligen. Hij schreef:


“De meer de Jood werkelijk Jood is, des te universeler wordt zijn visie.”
Rabbijn S.R. Hirsch, Collected Writings, Vol. VII


Dat is een diep inzicht.


De Tauro maakt een mens niet kleiner — maar groter. Niet enger — maar dieper. Niet afgesloten — maar verantwoordelijk.

Een mens die werkelijk Tauro leert, leert anders kijken naar onderwerpen zoals:


  • arbeid,
  • familie,
  • vreemdelingen,
  • geld,
  • tijd,
  • woorden,
  • stilte.


Zelfs eten wordt kaudesj. Zelfs zaken doen wordt heilig. Zelfs luisteren wordt heilig.


Want Tauro wil niet alleen de synagoge vullen. Zij wil het hele leven doordringen.


Het geheim van luisteren


Bij Sinaj gebeurde iets merkwaardigs. Het volk “zag de stemmen”.


וְכָל־הָעָם רֹאִים אֶת־הַקּוֹלֹת
“Het hele volk zag de stemmen."  

Sjemaus/ Exodus 20:15

 

Hoe kun je geluid zien?


De chassidische meesters zeggen: omdat openbaring plaatsvond met het hele wezen van de mens. Niet alleen met de oren. Heel de NESJOMME luisterde.


Wij leven vandaag in een wereld vol geluid maar arm aan luisteren.


Iedereen zendt. Weinigen ontvangen.


Maar Tauro begint met luisteren.


Het Hebreeuwse woord Sjemáng betekent niet alleen “horen”, maar ook: opnemen, toelaten, binnenlaten.


Misschien is dat waarom zoveel mensen innerlijk uitgeput zijn. Niet omdat Hasjem zwijgt — maar omdat de ziel voortdurend overstemd wordt.


Martin Buber en de ontmoeting


Martin Buber schreef in zijn beroemde werk Ich und Du:


“Alle werkelijke leven is ontmoeting.”
 Martin Buber, Ich und Du (1923)

 

Dat geldt ook voor Tauro.


Wanneer Tauro slechts informatie blijft, verandert er weinig. Maar wanneer Tora een ontmoeting wordt — tussen mens en Hakausej Borche — dan begint iets te branden.


Buber sprak over de relatie van “Ik en Jij”. Niet “Ik en Het”. De moderne wereld maakt van alles een object: mensen, tijd, zelfs religie. Maar Tauro nodigt uit tot relatie.


Niet alleen ritueel.
Relatie.

Niet alleen gehoorzaamheid.
Ontmoeting.

Daarom zeggen onze wijzen dat Hasjem niet alleen woorden gaf op Sinaj — Hij gaf Zichzelf.


De berg hing boven hun hoofden


De Talmoed vertelt een wonderlijk beeld:


כפה עליהם הר כגיגית
“God hield de berg boven hen als een omgekeerde kom.”
Talmoed Bavli, Sjabbes 88a

Waarom zo’n dreigend beeld?


Misschien omdat liefde altijd ook ernst bevat.


Tauro is geen hobby. Geen culturele decoratie. Geen folklore.


Tauro zegt dat het leven betekenis heeft. Dat keuzes ertoe doen. Dat woorden gewicht hebben. Dat de mens geroepen wordt.


En toch eindigt het verhaal niet met dwang.


Want eeuwen later, zegt de Talmoed, accepteerde het Joodse volk de Tauro opnieuw — ditmaal vrijwillig, in de dagen van Esther.


Ware trouw ontstaat uiteindelijk niet uit angst, maar uit liefde.


Hoe ontvang je de Tauro vandaag?


Niet iedereen kan uren leren. Niet iedereen kent Hebreeuws. Niet iedereen voelt onmiddellijk geloof.


Maar iedereen kan beginnen met openen.


Misschien ontvang je de Tauro vandaag door:


  • één moment van echte stilte;
  • één bladzijde studie;
  • één eerlijk gebed;
  • één daad van chesed;
  • één vergeving;
  • één sjabbesmaaltijd zonder telefoon;
  • één vraag die je eindelijk durft te stellen.


De Bangal Sjeim Tauv leerde dat waar een mens zijn gedachten plaatst, daar bevindt hij zich werkelijk.


Waar bevindt onze ziel zich tegenwoordig?


Bij Sinaj?
Of verloren in eindeloze afleiding?

De Tauro wacht nog steeds


Het wonder van het Jodendom is dat de Tauro nooit oud werd. Rijken verdwenen. Filosofieën kwamen en gingen. Maar de woorden van Sinaj worden nog steeds gefluisterd boven kaarslicht, gezongen boven wijn, besproken aan tafels, gedragen in goles, verdedigd in tijden van gevaar.


Waarom?


Omdat de Tauro niet alleen een boek is.


Zij is een verbond. Een Bries.


En een verbond leeft alleen wanneer beide kanten zich openen.


Daarom zeg ik vanavond:


Ontvang de Taro met open armen.


Niet alleen met je intellect — maar met je wonden.
Niet alleen met je overtuigingen — maar ook met je vragen.
Niet alleen met je kracht — maar ook met je vermoeidheid.

Want de Eeuwige wacht niet op perfecte mensen.


Hij wacht op open mensen.


En misschien is dat uiteindelijk de diepste betekenis van Sinaj:


Dat tussen hemel en aarde een stem klinkt die nog steeds zegt:


אָנֹכִי ה' אֱלֹהֶיךָ
“Ik ben de Eeuwige, jouw God.”
Sjemaus/Exodus 20:2


Niet alleen de God van Mausje.
Niet alleen de God van het verleden.

Jouw God.


De vraag van Sjewoenges is daarom niet alleen of wij in God geloven.


De vraag is:


Durven wij opnieuw geliefden van de Tauro te worden?


Durven wij opnieuw te luisteren?


Durven wij opnieuw te ontvangen?


Moge deze Sjewoenges een moment zijn waarop gesloten harten weer open gaan, vermoeide zielen opnieuw ademhalen, en de woorden van de Tauro niet alleen gelezen worden — maar werkelijk ontvangen.


Chag Sjewoenges Sameach, goed Jontef!

woensdag 20 mei 2026

ROUWEN OM EEN KIND: EMOTIE, GEMEENSCHAP EN HERINNERING IN DE VROEGMODERNE TIJD



RABBIJN #SIMON #BORNSTEIN®

Als rabbijn word ik vaak geconfronteerd met vragen over rouw, herinnering en de plaats van verlies binnen het gemeenschapsleven. Het is daarom bijzonder waardevol om stil te staan bij historisch onderzoek dat laat zien hoe diep menselijk en tijdloos deze ervaringen zijn. 


Het werk van Cornelia Aust, verbonden aan de Heinrich Heine Universität Düsseldorf, werpt een indringend licht op hoe Joodse en christelijke ouders in de vroegmoderne tijd hun emoties rondom het verlies van jonge kinderen vormgaven.


Lange tijd leefde de gedachte dat ouders vóór de 17e eeuw een zekere emotionele afstand tot hun kinderen zouden hebben gehad. Volgens deze visie zou intense ouderlijke liefde en rouw pas later zijn ontstaan. 


Sinds de jaren tachtig is deze these echter overtuigend weerlegd. De bronnen die Aust onderzoekt — persoonlijke getuigenissen, brieven en andere egodocumenten — tonen juist het tegendeel: ouders voelden diep verdriet en zochten manieren om dat verdriet te uiten, te delen en te dragen.


Wat mij bijzonder raakt in haar onderzoek, is de aandacht voor grafstenen van joodse kinderen. Deze stenen vormen een tastbare brug tussen emotie en materiële cultuur. Ze laten zien dat zelfs in tijden van hoge kindersterfte — wanneer verlies een tragisch maar frequent onderdeel van het leven was — elk individueel kind werd herinnerd en beweend. 


Het bestaan van zulke grafstenen, ongeacht de economische status van de familie, onderstreept dat rouw geen privilege was van de rijken, maar een universeel menselijke ervaring.


Binnen de Joodse traditie kennen we rijke rouwpraktijken: van het scheuren van kleding (keriah) tot het zeggen van Kaddiesj en het zitten van sjiwwe. 


Hoewel deze rituelen vaak worden geassocieerd met volwassenen, herinnert dit onderzoek ons eraan dat ook het verlies van kinderen een duidelijke plaats had — en moest hebben — binnen het rituele en emotionele leven van de gemeenschap.


Aust benadrukt bovendien dat rouw niet alleen een privézaak was. Integendeel: juist de publieke dimensie van rouwpraktijken speelde een cruciale rol. Door begrafenissen, grafstenen en herdenkingen werd het verlies zichtbaar gemaakt voor de gemeenschap. 


Dit maakte duidelijk dat de dood van een kind niet alleen een tragedie was voor de ouders, maar voor de hele gemeenschap. Zo ontstonden wat we “emotionele gemeenschappen” zouden kunnen noemen — groepen mensen die verbonden zijn door gedeelde gevoelens, rituelen en herinneringen.


Vanuit religieus perspectief is dit een diep inzicht. Rouw wordt draaglijker wanneer zij gedeeld wordt. In de gemeenschap vinden we troost, erkenning en betekenis. 


Het verlies van een kind is misschien wel een van de meest pijnlijke ervaringen die een mens kan kennen, en juist daarom vraagt het om een collectieve reactie: aanwezigheid, medeleven en herinnering.


Wat kunnen wij vandaag leren van deze vroegmoderne praktijken? Misschien dit: dat het erkennen van verdriet — zichtbaar, hoorbaar en gedeeld — geen teken van zwakte is, maar van menselijkheid. 


En dat zelfs in tijden van grote onzekerheid en verlies, mensen manieren vinden om liefde te blijven uitdrukken — zelfs, en misschien juist, voorbij de dood.


Moge de herinnering aan alle verloren kinderen tot zegen zijn, en moge hun nagedachtenis ons blijven leren hoe we elkaar kunnen dragen in tijden van verdriet.

woensdag 13 mei 2026

VERTROUWEN ALS HALACHISCHE CATEGORIE: EEN RABBIJNS – ACADEMISCHE BESCHOUWING OVER INSTITUTIONEEL VERTROUWEN EN VACCINATIEBELEID.


 

VERTROUWEN ALS HALLACHISCHE CATEGORIE: EEN RABBIJNS – ACADEMISCHE BESCHOUWING OVER INSTITUTIONEEL VERTROUWEN EN VACCINATIEBELEID


#Rabbijn #Simon #Bornstein®


Het hedendaagse vraagstuk van institutioneel vertrouwen en vaccinatiebereidheid waarmee het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu wordt geconfronteerd — kan vruchtbaar worden herlezen vanuit de normatieve kaders van de Halacha en de Talmoedische traditie.



Waar de sociale wetenschappen vertrouwen veelal beschrijven als een empirische variabele, benadert de Joodse rechts- en leercultuur vertrouwen als een moreel-epistemische verplichting, ingebed in gebod (mitswa) en verbond (briet).



Vertrouwen en betrouwbaarheid: ne’emanoet als normatieve grondslag



Een kernbegrip binnen de halacha is ne’emanoet (betrouwbaarheid). In de Talmoed wordt gesteld:



אין אדם מעמיד עצמו על דברי תורה אלא אם כן נכשל בהן”
“Een mens begrijpt de woorden van de Torah niet ten volle, tenzij hij er eerst in struikelt.”
Babylonische Talmoed, traktaat Gittien 43a


Deze passage onderstreept dat kennis en vertrouwen niet statisch zijn, maar groeien via ervaring, inclusief falen.



Toegepast op instituties impliceert dit dat vertrouwen niet wordt ondermijnd door het erkennen van fouten, maar juist kan worden verdiept door transparantie en leervermogen.



Piekoeach nefesj en de plicht tot bescherming van leven



Binnen de Halacha heeft het principe van Pikoeach nefesj—het redden van leven—een bijna absolute prioriteit:



וחי בהם”
“En gij zult door hen leven.”
Tora
h, Wajiekra (Leviticus) 18:5


De Talmoed preciseert:



פיקוח נפש דוחה את כל התורה כולה”
“Het redden van een leven verdringt (bijna) de gehele Torah.”
Babylonische Talmoed, traktaat
Joma 85b


Vaccinatie kan binnen dit kader worden opgevat als een collectieve uitdrukking van pikoeach nefesj. Institutionele aanbevelingen tot vaccinatie zijn dan niet slechts beleidsadviezen, maar participeren in een normatieve structuur waarin het beschermen van leven centraal staat. Het falen van vertrouwen in zulke instituties ondermijnt daarmee indirect een fundamentele Halachische waarde.



Wantrouwen en rechtvaardigheid: de epistemische dimensie



De Talmoed erkent expliciet de noodzaak van kritische evaluatie van autoriteit:



דינא דמלכותא דינא”
“De wet van het Koninkrijk is wet.”
Babylonische Talmoed, traktaat Nedari
em 28a


Dit principe legitimeert wereldlijke instituties, maar is niet onvoorwaardelijk: het veronderstelt dat deze rechtvaardig en ordelijk handelen. In situaties waarin groepen structureel minder vertrouwen hebben—zoals ook benoemd in het maatschappelijk discours —kan dit vanuit Halachisch perspectief worden begrepen als een reactie op ervaren tekortkomingen in rechtvaardigheid.



Maimonides (Rambam) benadrukt in zijn Misjneh Torah:



חייב אדם להנהיג עצמו בדברים המברין והמחלימין”
“Een mens is verplicht zich te gedragen op een wijze die gezondheid bevordert.”
Maimonides (Rambam), Mishneh Torah,
Hilchot De’ot 4:1


Hieruit volgt een dubbele verantwoordelijkheid: individuen moeten gezondheidsbevorderend handelen, maar instituties dragen de plicht om condities te scheppen waarin dit handelen mogelijk en plausibel is.



Talmoed Torah en kennisvertrouwen



De opdracht van Talmoed Torah—de studie van de Torah —impliceert een diep vertrouwen in overdraagbare kennis:



ותלמוד תורה כנגד כולם”
“De studie van de Torah weegt op tegen alle andere geboden.”
Misjna, traktaat Peah 1:1


Dit primaat van studie benadrukt dat kennisproductie en overdracht intrinsiek waardevol zijn. In moderne termen: wetenschappelijke instituties zoals het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu functioneren als dragers van collectieve kennis. Wantrouwen jegens zulke instituties raakt daarmee aan een bredere crisis in epistemisch vertrouwen.



Communicatie als halachische praxis



De halacha stelt strikte eisen aan spraak en communicatie:



מדבר שקר תרחק”
“Houd u ver van leugen.”
Tora
h, Sjemot (Exodus) 23:7


En in de Talmoed:



חותמו של הקב״ה אמת”
“Het zegel van de Heilige, gezegend zij Hij, is waarheid.”
Babylonische Talmoed, traktaat S
jabbat 55a


Voor institutionele communicatie betekent dit dat waarachtigheid niet louter instrumenteel is, maar constitutief voor legitimiteit. Communicatiestrategieën die enkel gericht zijn op gedragsverandering zonder waarachtigheid en transparantie, missen vanuit halachisch perspectief hun morele grondslag.



Naar een halachisch geïnformeerd handelingsperspectief



Vanuit een rabbijns – wetenschappelijk perspectief kunnen interventies en beleidsadviezen — worden verdiept door de volgende Halachisch geïnspireerde principes:



  1. Primaat van leven (piekoeach nefesj)
    (
    Joma 85b; Wajikra 18:5).

  2. Waarachtigheid in communicatie
    (
    Bamiedbar 23:7; Sjabbat 55a).

  3. Rechtvaardigheid als voorwaarde voor legitimiteit (Nedariem 28a).

  4. Kennis als normatieve praktijk (Peah 1:1).


Resumerend



Het vraagstuk van vaccinatiebereidheid blijkt, in het licht van Halacha en Talmoed Torah, niet primair een technisch of gedragswetenschappelijk probleem, maar een uitdrukking van de kwaliteit van morele en epistemische relaties binnen de samenleving.



Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu staat daarmee voor een opgave die doet denken aan het onderhouden van een verbond: vertrouwen kan niet worden afgedwongen, maar moet worden verdiend door rechtvaardig handelen, waarachtige communicatie en een onmiskenbare toewijding aan het welzijn van allen. Zijnde tot nut van het algemeen.

dinsdag 12 mei 2026

#DAG #VAN #DE #ZORG: #WAARDERING, #VERBONDENHEID & #VERANTWOORDELIJKHEID





Op de Dag van de Zorg staan wij stil bij de mensen die iedere dag klaarstaan voor anderen. Zorgverleners dragen niet alleen medische verantwoordelijkheid, maar ook menselijke nabijheid. Zij luisteren, troosten, begeleiden en geven hoop — vaak op momenten waarop woorden tekortschieten.

Als rabbijn en geestelijk verzorger spreek ik mijn diepe waardering uit voor alle professionals en vrijwilligers die zich inzetten voor het welzijn van onze samenleving. Mijn dank gaat uit naar samenwerkingspartners zoals de GGD, huisartsen, verpleegkundigen, mantelzorgers, apothekers, ambulancediensten, geestelijk verzorgers, welzijnswerkers en de vele zorginstellingen die dag en nacht paraat staan.

Hun werk vormt het morele hart van onze maatschappij.

In de Joodse traditie geldt het principe van piekoeach nefesj: het beschermen van menselijk leven gaat boven bijna alles. Zorg is daarom geen kostenpost alleen, maar een uitdrukking van beschaving, solidariteit en menselijke waardigheid.

Juist daarom spreek ik ook mijn grote zorg uit over de voorgenomen #overheidsbezuinigingen van het #kabinet van #Rob #Jetten. Wanneer er wordt bezuinigd op zorg, preventie, geestelijke ondersteuning en lokale voorzieningen, raken wij niet alleen systemen — wij raken mensen.

De gevolgen worden zichtbaar in langere wachttijden, hogere werkdruk, minder aandacht voor preventie en toenemende eenzaamheid onder kwetsbare groepen.

Onze samenleving heeft de afgelopen jaren gezien hoe onmisbaar samenwerking is tussen overheid, zorginstellingen en maatschappelijke organisaties. Juist nu moeten wij investeren in menselijke zorg en niet afbreken wat met zoveel toewijding is opgebouwd.

Op deze Dag van de Zorg wil ik daarom niet alleen dankbaarheid uitspreken, maar ook een oproep doen: laten wij samen waken over de menselijke maat. Een samenleving wordt uiteindelijk niet beoordeeld op haar economische cijfers, maar op de wijze waarop zij zorgt voor haar zieken, ouderen, kwetsbaren en eenzamen.

Moge allen die zorgen, zelf ook kracht, waardering en erkenning ontvangen.

dinsdag 5 mei 2026

DE #JOODSE #BETEKENIS #VAN #STILTE #TIJDENS #DE #NATIONALE #DODENHERDENKING #OP #04MEI


 



Als we spreken over de twee minuten stilte tijdens de Nationale Dodenherdenking, dan raakt dit aan de kern van hoe wij in de Joodse traditie omgaan met herinnering (Zachor) en respect voor de overledenen. Vanuit een Joods perspectief is stilte niet zomaar de afwezigheid van geluid. Het is een krachtig instrument.


Hier zijn enkele gedachten over wat die stilte betekent:


1. Stilte als erkenning van het onuitsprekelijke In de Joodse traditie kennen we de wetten van de Aveilut (rouw). Wanneer Aäron, de hogepriester, zijn twee zonen verliest, staat er in de Tauroh: "Vajiedaum Aharaunn" – "En Aäron zweeg" (Leviticus 10:3). Dit is geen stilte van berusting, maar een stilte van overweldigend verdriet.



De stilte van de dodenherdenking is een erkenning dat er geen woorden zijn die het leed van de Holocaust of de verschrikkingen van oorlog kunnen vatten. Woorden schieten tekort. In die twee minuten erkennen we dat het kwaad zo groot was, dat onze taal er niet tegenop gewassen is. Stilte is dan de enige gepaste reactie op het onbegrijpelijke.


2. Zachaur (Gedenk!) Het gebod Zachaur is een van de belangrijkste pijlers van het Jodendom. Herinneren is in onze traditie geen passieve bezigheid, maar een actieve daad.


Door stil te zijn, creëren we een ruimte in onze geest. We trekken ons even terug uit de hectiek van het dagelijks leven om de doden een plek te geven. In die stilte "ontmoeten" we degenen die er niet meer zijn. Het is een moment van verbinding tussen de generaties.



Zoals we zeggen bij het herdenken van de doden: Ziechraunom lievrocho – "Moge hun herinnering tot zegen zijn." De stilte is de bedding waarin die zegen kan landen.


3. De stilte als gebed Hoewel de dodenherdenking een seculier karakter heeft, is de stilte voor een Joods mens vaak een vorm van gebed. Het is een moment van introspectie (Chesjben haNefesj – een rekenschap van de ziel). We vragen ons af: hoe leef ik mijn leven in het licht van de offers die anderen hebben gebracht? Wat doe ik met de vrijheid die zij niet meer hebben?


De stilte dwingt ons om naar binnen te kijken en verantwoording af te leggen aan onszelf en aan de geschiedenis.

4. Respect voor de 'Nesjomme' (Ziel) In het Jodendom geloven we dat de ziel (Nesjomme) voortleeft. Stilte is een teken van respect voor die ziel.


Het is een manier om de waardigheid van de overledene te bewaren. Door niet te praten, creëren we een 'heilige ruimte' (een soort Mikdesj Mengas, een kleine tempel) in de publieke sfeer.

We leggen onze eigen ego's en onze eigen stemmen het zwijgen op, zodat de stemmen van de slachtoffers – die wij in ons hart dragen – gehoord kunnen worden.


Als rabbijn zou ik zeggen: gebruik die twee minuten niet om je gedachten te laten dwalen naar je to-do lijst. Gebruik ze om de stilte te vullen met aanwezigheid.


Wees aanwezig bij het verdriet, wees aanwezig bij de verantwoordelijkheid die we dragen voor de toekomst, en wees aanwezig bij de namen van degenen die er niet meer zijn.


De stilte is niet leeg; ze is gevuld met de echo van de geschiedenis en de opdracht om het leven, ondanks alles, te blijven vieren en beschermen. Moge de stilte ons sterken in onze menselijkheid.

KINDEREN EN VOEDSELEDUCATIE ALS KINDERRECHT EN JOODS MOREEL IMPERATIEF

Door: # Rabbijn #Simon #Bornstein ® Binnen religieuze en ethische tradities wordt voedsel al eeuwenlang beschouwd als meer dan een middel to...